Burgers zijn vervreemd van het platteland en missen een stuk beleving. Beleving moet een bron zijn van inspiratie, de kern van onze boodschap. Het bekijken van duurzaamheid (in relatie tot o.a. klimaatdoelstellingen) vanuit een regionale invalshoek is cruciaal. Geen bulkproducten op basis van ingevoerde grondstoffen, zoals momenteel de praktijk is. Maar benutten van regionale (kleinschalige) productiemethoden en verwerkingsprocessen op basis van schone technologieën willen we weer laten terugkeren. Er is sprake van een verschuiving van wereld- naar regiodynamiek. Belangrijk is bewustwording van en kennis over ons voedsel in de verschillende stadia (vertrouwd).
Het gaat om een totaal aanbod van zorg tot productie. Dat is ook wat provincies willen: koppelen van landbouw, natuur en landschap. Daarbij gaat het om een maatschappelijke ontwikkeling waarbij de verschillende waarden van voedselkwaliteit de aandacht krijgen: gezondheid, veiligheid, productkwaliteit, dierenwelzijn, milieu, ambachtelijkheid en rechtvaardigheid (veelzijdig).
Er zijn in Nederland 16 mln. mensen en slechts 3 grote retail-organisaties die in feite bepalen wat 90 % van de bevolking consumeert. Dus de stroom waar de 60 000 boeren die we hebben invloed op hebben is slechts 10%. Met de voorgestane samenwerking wil men als clusters boeren nieuwe kanalen ontwikkelen, zodat deze 10 % misschien 30% worden. Dat is het doel waaraan we willen werken.
Bijdragen aan een te ontwikkelen regionale voedselstrategie: gezond voedsel voor het publiek, groeiend milieubewustzijn, zorgvuldig omgaan met bodem en grondstoffen. En dat niet alleen in de eigen regio, maar wereldwijd. Dit vereist aan de ene kant bundeling van activiteiten en aan de andere kant – door meer waarde creatie - het vormen van een tegenmacht tegen gangbare structuren met mondiale en dominante spelers als Cargill, Unilever, Ahold en Campina (verrukkelijk).
Door schaalvergroting en specialisatie, technologische voedselverwerking, monopolisering van de distributie is de invloed en zeggenschap op het menu van burgers praktisch verdwenen. Daarom is het belang toegenomen van ‘food democracy’, d.w.z. aandacht voor toegankelijkheid en bereik van goede en gezonde voeding en ook de zeggenschap en besluitvorming daarover, geplaatst in het kader van ecologische en klimaatvraagstukken, waarbij verduurzaming van voedselketens en het ruimtegebruik van verschillende schakels in de voedselketen direct dan wel indirect aan de orde komen (Food Policy, 2009, Tim Lang).
Regioproducten laten zien hoe in de regio de natuur/landschap, de steden/bevolking, de rivieren/het water samenhangen en hoe de agrarische ondernemers daarin een centrale rol kunnen spelen. Ervaringen in midden Nederland en het Overijsselse Vechtdal belichten de speerpunten van regionale ontwikkeling: samenwerking, experiences, markt en communicatie, en governance.
Hoe dan verder? Het moet anders. Nu bepalen 3 grote inkoopcombinaties 70% van wat we eten. Dat gaat niet goed op termijn. Er is een parallel te trekken met de financiële crisis. Eerst kwamen de algemene banken in de problemen, nu is de private sector aan de beurt. Dan komt voedsel! Daarom meewerken aan het invullen van het Europees Landbouwmodel. Creëren van een breder voedselweb.